Het is zo lang geleden dat ik meedeed met K-G, ik was al een beetje vergeten hoe het werkt. Gewoon de leeservaring neerpennen, toch?
Ik vond dit boek een bijzondere trip, naar het hart van de duisternis diep in het Congolese oerwoud, maar ook naar het hart van de duisternis van de mens en zelfs van de mensheid.
M. vertelt al wachtend op een schip over een andere scheepsreis die hij niet kan vergeten. Een raamvertelling dus.
Hij beschrijft zijn avonturen op de Congostroom naar het diepe binnenland, het hart van het land. Een gevecht tegen het onbekende, onbekende natuur, onbekende volkeren met ander gewoonten…
Maar het gaat ook over de duisternis in het hart van de mens, de diepe krochten van de menselijke psyche. Over wat het met je kan doen als je geest het overneemt van de ratio en je alleen nog doet wat je denkt te moeten doen om vrij te zijn, zoals K.
En het gaat ook over het diepe duistere hart van de mensheid. Over wat we anderen aandoen. Over hoe we anderen ontmenselijken om een doel te bereiken, over het vreselijke kolonialisme.
Geen wonder dat M. over die tocht moet vertellen. Die moet een enorm bepalend geweest zijn voor zijn verdere leven.
En dus ook voor de auteur, want blijkbaar is dit alles op zijn eigen ervaringen gebaseerd in de wrede tijd dat Congo door koning Leopold II als zijn privébezit werd beschouwd - het idee alleen al. (Daarna werd het een kolonie van België, maar dat was een even slechte tijd.)
Blij dat ik dit boek (eindelijk) gelezen heb.