a. Hoe ervaarde je de band tussen Mackenzie Casper en haar 'moeder' in het begin van het verhaal? Is die band wat je verwacht had op basis van de flaptekst?
Het voelde aan als een erg kille band. Haar moeder noemde haar ‘onbenaderbaar, rebels, ze wil mensen van zich afduwen’(p. 59). MacKenzie kende haar moeder niet goed. Het voelde voor mij aan als een slechte band waar MacKenzie wel van afzag. Ze is iemand die zich wat afschermt van de buitenwereld. Ze geeft geen echte job, ze verdient wat geld door online verhalen te schrijven. Ze draagt donkere make-up, zwarte lippenstift. Haar vriend E.J. noemt haar ‘snarky’ wat ook wel iets wil zeggen.
Ik had een betere band verwacht op basis van de flaptekst.
b. Tonya speelt een belangrijke rol in het verhaal. Wat vind jij van haar ontwikkeling als personage en waarom?
Tonya kwam bij mij over als een echte narcist. Iemand die zichzelf zeer belangrijk vindt. Iemand die geen ematisch vermogen heeft. Iemand die heel manipulatief is. Ik ken persoonlijk iemand met zo’n persoonlijkheidsstoornis en het is bangelijk tot wat dit kan leiden.
Het is een persoon die enorm belangrijk is in het verloop van het verhaal. Ze kruipt onder je huid.
c. Welke indruk gaf Ben jou als vader in het begin van het verhaal? En is die indruk later veranderd?
Hij gaf mij de indruk geen échte betrokken papa te zijn. Een passage die ik heel vreemd vond was in de werkkamer. Hij wordt betrapt in de werkkamer. MacKenzie wil hem confronteren en uithoren. Maar hij blijft zeer oppervlakkig. Doordat hij wat teveel dronk, vertelt hij wel wat dingen maar het blijft heel vaag. Je voelt aan alle kanten dat er iets niet klopt. ‘Je moeder…Ze was zo leuk. Tot ze dat niet meer was.’(p.68) ‘Toen dook hij in ons leven op. En het werd allemaal één fucking klotezooi.’ (p.70)
Doorheen het boek komt Ben voor mij over als iemand die zich gemakkelijk laat doen. Een koekelul zouden wij zeggen in Vlaanderen.