4a. Voor mij moet een historische roman geheel of gedeeltelijk op waarheid gebaseerd zijn. Ik lees eigenlijk enkel zulke historische romans. Deze definitie heeft Google:
fictief verhaal dat zich afspeelt in een bepaald tijdperk in het verleden, waarbij waargebeurde gebeurtenissen, historische personen en fictieve elementen worden samengevoegd om een beeld te schetsen van hoe het leven toen was.
Voor mij valt dit boek onder de feelgood, omdat ik het waargebeurde miste. En, eigenlijk speelt het hele boek zich in het heden af. Flora leest het manuscript, waardoor ze een inkijkje in het verleden krijgt, maar het verhaal speelt zich er niet in af. Dit is gevoelsmatig anders dan bij een boek waarbij er echt geschakeld wordt tussen de verschillende personen/tijden. In feite blijf je hier heel het boek bij Flora en zie je het verleden vanaf de zijlijn. Wat ik ook al bij de vraag over stijl aangaf.
Feelgood is een categorie die ik niet uit mezelf lees omdat ik altijd wat wil leren van een boek. Ik zoek bewust naar boeken die gaan over een stukje geschiedenis wat ik nog niet ken. Maar, dit boek viel niet tegen. Ik vond het erg leuk om te lezen.
4b. Een duale tijdslijn hoeft niet perse van mij, maar voegt vaak wel wat toe aan het verhaal. Omdat er dus ook van buitenaf naar de gebeurtenissen gekeken kan worden. Je ziet niet alles vanuit 1 perspectief. In dit boek vond ik de afwisseling tussen de twee tijdlijnen wat te klein. Maar de overgangen daarentegen waren erg goed getimed. Ook boeken vanuit meerdere perspectieven (zonder dat het in verschillende tijdsperiodes speelt) kan ik van genieten. Ik lees nu een historische roman rondom een joods gezin met vijf volwassenen kinderen in de tweede wereldoorlog. Het verhaal wisselt steeds tussen de kinderen die verspreidt zijn over Europa. Ik kan daar wel van genieten. In het begin is het vaak even inkomen en daarna is het verrijkend.