
Een goed begin is het halve werk. In het geval van een roman geldt dan: een lekker aantrekkelijke cover en een eerste zin die staat als een huis graag. Merci! Hier op het Forum speuren we onder aanvoering van @GuyD niet voor niets naar mooie openingszinnen. Vaak is er eindeloos of in ieder geval beregoed over deze ouverture nagedacht, soms is het een waar kunststukje. Die eerste zet van de auteur is als een hartelijk welkom en een visitekaartje en kan de toon voor de rest van het verhaal zetten. Dus laten we bij het begin beginnen …
Vraag 1 || Wát?! Een dode rat?!
Het prille begin is natuurlijk de cover. In ons gezellige leesclubcafé hebben we het daar al uitgebreid over gehad: de diepdonkere blauwe kleur, het bootje met de eenzame jongen erin. Bij de opwarmvragen bleek dat ‘de onze’ het meteen goed doet als het om het oproepen van emoties gaat: “heel” en “erg mysterieus” vinden ondermeer @Silvia en @Rene van der Sanden , “onheilspellend” voelt @Arianne terwijl @Sanne meteen “beklemming” ervaart. Hij maakt daarbij nieuwsgierig en blijkt aantrekkelijk: om het boek op te pakken en te willen lezen.
Onderweg bladerend naar die eerste zin kom je van alles tegen: de colofon en dat Angélique de Kroon de vertaling heeft gedaan bijvoorbeeld. En dat De zeventiende is opgedragen aan iemand: ‘voor Bruno’. Die ene Bruno is - zo legde Alex Schulman in een interview met Skriva (2/2/26) uit - Bruno K. Öijers, een hedendaagse Zweedse dichter die hem op een idee bracht.
Vraag 1a: Hebben jullie ‘Bruno’ opgezocht en gekeken welke inspiratie hij Schulman gaf? Kijken jullie weleens naar een opdracht of het motto - chique het epigraaf genoemd - in een roman? Dat is wanneer die erin staat natuurlijk.
Dan is daar eindelijk de openingszin. En die van De zeventiende mag er wezen: Schulman dropt een klein toch doeltreffend bommetje want oh my:
“Het begon met een dode rat in de kelder.”
Een ware voltreffer! Deze zin is de kickstart van gebeurtenissen, gedachten en beelden die de verteller up tempo achter elkaar doorserveert. In de eerste vier pagina’s zet Schulman zo de toon en schept de sfeer voor zijn roman.
Vraag 1b: Wat vind je van deze openingszin? Wat doet deze zin met je, wat roept die bij je op? Welke rol heeft de rat hier? En het eerste begin dat erop volgt: heb je na het uitlezen die opening van pagina 7 tot en met 10 herlezen?
Wat?! Een dode rat?! Euw! De ik-verteller laat de dode rat in zijn kelder liggen omdat hij ‘een zekere walging’ voelt opkomen. Totdat zijn buren in actie komen, het niet anders kan en hij ‘bijna duizelig van de misselijkheid’ het kadaver alsnog opruimt. En het zijn nog wel zulke mooie en slimme diertjes …
Bonusvraag: Heb jij een dier waar je angstig voor bent of van walgt? En het opruimen of verwijderen ervan graag aan een ander overlaat?
Bronnen: Skriva #1 2026 (2/2/2026), afbeeldingen: De zeventiende - Alex Schulman (De Bezige Bij, 2026), Freep!k (zoekterm: rat)