รค. Op zich vind ik dat een keuze van verschillende perspectieven goed kan uitwerken. En hoewel er enige regelmaat in de afwisseling van de perspectieven zat, vond ik het echter af en toe iets te veel van het goede, zeker wanneer de ik- verteller zich ineens tot de lezer zelf richt.
p.178: 'Vrees niet. Ik ben - ja, er is een ik, lezer, ik ben de ik - geen schrijver. En gelukkig maar. Niets verveelt mij meer dan een schrijver die een schrijver opdist als hoofdpersoon. De creatieve armoede schijnt door het proza.
b. Regelmatig kreeg ik het idee dat Deniz de verteller is die zijn eerste, persoonlijke roman schrijft. Zo lees je op p 153:
'Hij ( Deniz, red.) zijn linkerwijsvinger naar de letter T en zijn rechterwijsvinger naar de letter U en schreef: Tussen stad en water en water en woud lag ons eiland.'
Je leest dus de eerste zin van dit boek . En op p. 287 lees je de tweede of vervolgzin , op dat moment gedacht door Deniz. Dat natuurlijk ook wel weer vragen op kan werpen. zoals: zijn er dan delen door Deniz geschreven. Maar dat strookt weer niet met wat er op pag 178 staat. Geen schrijver als hoofdpersoon. Als je hier over na gaat denken kom je in een soort cirkeltje terecht waar je niet uitkomt.
Wat mij ook wel doet afvragen: wat wil de schrijver hier nu precies meer bereiken, maakt hij het niet te ingewikkeld of wil hij het niet te mooi en literair maken.