Een vakantie helpt niet altijd voor het leestempo, maar als je lekker op een vaste plek zit en je partner heeft een trainingskamp voor zichzelf op touw gezet, kom je toch een heel stuk verder.

De vakantie begon met het uitlezen van deze Luekerd met een bijbehorende leesclub. Ik had het boek gekocht in november, voor een bezoek van Buwalda aan de plaatselijke bibliotheek. Wat hij vertelde over de inhoud van het boek was ik gelukkig allemaal vergeten (volgens mij ging het ook niet echt over de inhoud van boek op die avond), maar wel over het schrijfproces. Hij straalde die avond veel plezier uit, datzelfde plezier vond ik terug in het boek. Je ziet hem lachen terwijl je aan het lezen bent, de metaforen die hij bedacht heeft zijn schitterend, je hoeft maar een bladzijde open te slaan of je vindt er een.
Buwalda heeft iets heel interessants gedaan met de opbouw van het boek, waardoor het meer dan genoeg afweek van Otmars zonen. Ik vrees dat het weer zes jaar duurt voordat het volgende boek verschijnt, maar met alle lijnen en verwijzingen in het verhaal is dat logisch. Hij raffelt niet af en checkt of het nog steeds klopt. En zoals Buwalda zelf zegt: mensen vinden een dunnere roman per jaar of twee jaar normaal, maar feitelijk heb ik in die zes jaar de omvang van drie van die dunnere romans in een boek geschreven. Voor mijn boekenkast maakt het helaas niet zoveel uit dat het gelezen is, dit boek blijft in de kast, daar kan ik voorlopig geen afscheid van nemen.

Dit boek heb ik gelezen voor het Booker shortlist project van Karin, ook een luekerd, want gekocht in December. De schrijfster is Amerikaans, maar het voelt als een Japans boek, lekker vaag en je weet niet precies wat waar is. Dat laat Kitamura lekker aan jezelf over. Ik ben heel blij dat ik het boek besproken heb in een leesclub, want er zit veel meer in dan je zo kan zien, het liefst had ik Kitamura zelf bij de leesclub gehad om haar vragen te kunnen stellen, maar ik gok dat ze dan nog steeds niks had gezegd. Dit boek gaat naar mijn dochter, wij delen een voorliefde voor Japanse boeken.

In mei leid ik een leesclub rondom het meest recente boek van Enquist en dit boek kwam ik tegen in mijn boekenkast. Ik heb het gelezen om weer even in Enquist stijl te koemen. Blijkt dat dit een heruitgave is van haar boekenweekgeschenk uit 2002. Dit is het laatste manuscript dat haar dochter heeft gelezen, het zat in de fietstas van haar dochter toen ze werd aangereden en overleed.
Het boek is weer een duidelijk bewijs hoe moeilijk het is om een boekenweekgeschenk te schrijven, auteurs worstelen met de omvang, dat merk je bij dit boek ook. De titel is heel mooi gevonden, het is een originele titel die het verhaal goed dekt. Er zitten mooie lijnen in het verhaal, maar het komt niet helemaal tot een geheel, wat gewoon heel jammer is. Na de leesclub gaat dit boekje de deur uit, omdat ik bijna zeker weet dat het originele boekenweekgeschenk ergens in de kast staat , ik heb het alleen nog niet kunnen lokaliseren 🙃.

Tsja het boekenweekessay van 2026. Een essay geschreven door een relatief jonge auteur die mensen van een latere generatie aanspreekt op hun tekortkomingen, waardoor de jongere generatie nu moeilijk kan wonen. Aangezien wijzelf kinderen hebben in die generatie, snap ik het probleem , maar het is niet sterk op papier gezet. Smithuijsen heeft er vast veel lol ingehad, maar om nu een permanente aanklacht te lezen wordt eentonig op een gegeven moment. Met wat meer variatie had het meer diepte kunnen hebben, nu is het wat vlak. Dit boekje heeft mijn boekenkast dus nauwelijks van binnen gezien, want het gaat naar de ruilkast.
Digitaal heb ik twee luekerds gelezen: Vonkie van Frouke Arns en De schatkamer van mijn vader van Evelien de Bruijn.
Vonkie las ontspannen, een deels herkenbaar boek vanwege een ouder met dementie, wanneer je dit proces zelf hebt gezien bij een van je ouders wordt je altijd teruggebracht naar die tijd, een tijd die ondanks die stomme ziekte, bij ons ook veel warmte en liefde met zich meebracht, wij hadden niet te maken met Alzheimer maar met Lewy body dementie. Die liefde en warmte vond ik terug in het verhaal.
De schatkamer van mijn vader is bijzonder omdat het De Bruijn gelukt is om haar vader aan het praten te krijgen over zijn ervaringen in Indonesië, iets waar meestal over gezwegen wordt. Daar zit ook de kracht van het verhaal in, het is niet het best geschreven boek, maar dat is meestal niet bij persoonlijke getuigenissen.
Zo alles bij elkaar ben ik behoorlijk tevreden, maar ik kwam er laatst weer achter hoeveel mooie boeken er nog ongelezen in de kast staan, ik pak het per boek maar aan, dan blijft het ietsje overzichtelijker.