Madame d’Histoire Op 13 november 1976 schrijft Voskuil in deel 5 van zijn dagboek (ons deel 4)
'De volgende dag ging het net zo en ik begon te geloven dat er deze keer niemand bij zou zijn, tot aan het eind van de middag, het voorlaatste meisje, Mirjam Lucassen. Ik wist meteen dat die het was. Een gitzwart meisje met donkere ogen, een rauwe stem, intelligente ogen, maar wat me meteen aantrok was dat ze iets voor zichzelf hield, wat Loe een naar binnengekeerde blik noemt. '
Ik denk denk dat het raadsel opgehelderd is, ws is het Engelien Jansen, het fragment staat in ons deel 4 en klopt met het jaar.
'Dag Maarten,' haar stem had een diepe klank, alsof ze de woorden in haar mond omrolde voor ze ze prijsgaf.
'Dag Engelien,' zei hij, opkijkend. Ze had een diep uitgesneden hemdjurk aan,
met stroken. Hij verdiepte zich weer in de brief en keek pas weer op toen ze met
haar koffie naast hem kwam zitten, waarbij ze met haar jurk langs zijn arm
streek. Hij voelde die aanraking tot diep in zijn lichaam en ze bracht hem in
verwarring. Tegelijk verbaasde hij zich erover dat ze niet een van de andere stoelen had genomen.'